Hoe onderhoud je een fietsketting?
Wat heb je nodig?
Voordat je begint, verzamel je het volgende gereedschap en materiaal:
- Kettingreiniger of ontvetter (geen WD-40 als smeermiddel)
- Een oude tandenborstel of kettingreinigingsapparaat
- Schone doeken of lappen
- Kettingsmeermiddel (droog of nat, afhankelijk van het seizoen)
- Kettingmeter (ook wel kettingslippengage)
- Optioneel: kettingtrekker als je de ketting wilt demonteren
Je hebt geen duur gereedschap nodig. Een basisset van een paar euro volstaat voor het overgrote deel van het onderhoud.
Stap voor stap: zo onderhoud je een fietsketting
Stap 1: Controleer de kettingslijtage
Begin altijd met een slijtagecontrole. Gebruik een kettingmeter om te meten of de ketting nog binnen tolerantie valt. Een nieuwe ketting heeft een vaste schakelafstand van precies 12,7 mm per halve schakel. Als de ketting meer dan 0,5% gerekt is, is vervanging nodig voordat je je tandwielen beschadigt. Is de ketting meer dan 0,75% gerekt, dan heb je waarschijnlijk al schade aan het tandwiel en de cassette.
Fout die mensen maken: te lang wachten met vervangen. Een nieuwe ketting kost a paar tientjes. Een nieuwe cassette en kettingblad samen lopen al gauw op tot 60 tot 150 euro.
Stap 2: Reinig de ketting
Gooi er geen water met zeep overheen en hoop dat het goed genoeg is. Dat is het niet. Werk als volgt:
- Zet de fiets op een standaard zodat je de pedalen vrij kunt draaien.
- Breng een ontvetter aan op de ketting. Gebruik een kettingreinigingsapparaat als je dat hebt: dat spaart tijd en rommel.
- Draai de pedalen langzaam achteruit zodat de hele ketting door de reiniger of langs de borstel loopt.
- Borstel hardnekkig vet en vuil weg tussen de schakels, op de rolelementen en op de zijplaten.
- Wijs de ketting af met een schone doek en laat hem volledig drogen voordat je verder gaat.
Fout die mensen maken: smeren vóór de ketting droog is. Smeermiddel op een vochtige ketting hecht slecht en trekt extra vuil aan.
Stap 3: Smeer de ketting correct
Smeermiddel kies je op basis van de omstandigheden:
- Droog smeermiddel (wax-based): voor droog en zanderig weer. Trekt minder vuil aan.
- Nat smeermiddel: voor regen en modder. Blijft beter zitten onder natte omstandigheden.
Breng het smeermiddel druppelsgewijs aan op de binnenkant van de ketting, op de schakelpinnen. Draai tegelijkertijd langzaam de pedalen achteruit zodat de hele ketting behandeld wordt. Wacht daarna vijf minuten zodat het middel intrekken kan. Wrijf vervolgens het overtollige smeermiddel weg met een schone doek.
Fout die mensen maken: het smeermiddel op de buitenkant van de ketting spuiten en niets afwrijven. Het middel moet in de schakels zitten, niet erbuiten. Overtollig smeermiddel aan de buitenkant trekt alleen maar vuil en zand aan.
Stap 4: Controleer de kettingspanning
Dit geldt met name voor fietsen zonder derailleur, zoals een stadsfiets met naafversnelling of een singlespeed. De ketting mag ongeveer 1 tot 1,5 cm door- en opveren als je er midden op duwt. Is er meer speling, dan stel je de achteras bij. Is de ketting te strak, dan is er risico op breuk en onnodige belasting op de lagers.
Bij fietsen met een derailleur regelt de derailleur zelf de spanning. Controleer hier of de derailleur niet verbogen is en of de veer nog voldoende spanning heeft.
Stap 5: Controleer ook de tandwielen
Een schone, goed gesmeerde ketting slijt alsnog snel als de tandwielen versleten zijn. Kijk of de tanden puntig of haakvorming zijn geworden. Nieuwe tanden zijn symmetrisch en afgerond. Versleten tanden zien eruit als golfjes of haaienvinnen. Vervang de cassette en het kettingblad tegelijk met de ketting als dat het geval is.
Hoe vaak moet je een fietsketting onderhouden?
Een vaste regel: reinig en smeer de ketting elke 200 tot 300 kilometer, of vaker als je in regen of modder hebt gereden. Meet de slijtage elke 1.000 kilometer. Rij je dagelijks, dan kan een ketting al na 1.500 tot 2.000 kilometer aan vervanging toe zijn. Rij je spaarzaam en houd je de ketting goed schoon en gesmeerd, dan kan een ketting 3.000 kilometer of meer meegaan.
Elektrische fiets: extra aandachtspunten
Op een elektrische fiets staat de ketting onder meer spanning dan op een gewone fiets, omdat de motor koppel toevoegt aan de aandrijving. Dat betekent snellere slijtage, zeker als je vaak op hoge ondersteuningsniveaus rijdt. Controleer de ketting op een e-bike daarom elke 150 tot 200 kilometer en vervang hem eerder dan op een gewone fiets.
Let ook op de accu en lader van je e-bike. Een goed onderhouden fiets verdient ook een betrouwbare oplader. Bekijk het aanbod van elektrische fiets opladers als je twijfelt of jouw lader nog naar behoren werkt. Prijzen lopen uiteen van circa 15 euro voor universele opladers tot 139 euro voor snelladers van merken als Bosch.
Heb je een elektrische fatbike? De brede banden en het extra gewicht zorgen voor nog meer belasting op de aandrijflijn. Controleer de ketting op een fatbike nog vaker en gebruik bij voorkeur een nat smeermiddel vanwege de terreinomstandigheden waaronder fatbikes vaak worden gebruikt.
Veelgemaakte fouten op een rij
- WD-40 gebruiken als smeermiddel. WD-40 is een ontvetter en verdringmiddel, geen kettingsmeermiddel. Het lost bestaand vet op en laat de ketting droog achter.
- Alleen de buitenkant smeren. Het smeermiddel moet tussen de schakels zitten, niet op de zijplaten.
- Te veel smeermiddel gebruiken. Meer is niet beter. Overtollig smeermiddel trekt vuil aan en versnelt slijtage.
- Slijtage negeren. Een versleten ketting beschadigt de rest van de aandrijflijn. Vervang op tijd.
- Nooit reinigen. Droog smeren op een vuile ketting werkt schuurpapier in de hand.
Samengevat
Kettingonderhoud is geen ingewikkelde klus, maar het vraagt wel regelmaat. Reinig de ketting elke paar honderd kilometer, smeer hem daarna goed en meet regelmatig de slijtage. Gebruik de juiste middelen voor de juiste omstandigheden en vervang de ketting op tijd. Zo houd je je fiets rijdbaar, voorkom je dure schade aan de aandrijflijn en rij je veiliger. Of je nu op een stadsfiets of een sportievere fiets rijdt: een goed onderhouden ketting merk je bij elke trapslag.