Knipperend achterlicht op de fiets: mag dat in Nederland?

Ja, in Nederland mag je fietsen met een knipperend achterlicht, maar alleen als dat licht voldoet aan de wettelijke eisen. Sinds 2013 is de regelgeving op dit punt versoepeld: een knipperend rood achterlicht is toegestaan, mits het maar zichtbaar genoeg is. Een continu brandend achterlicht blijft echter altijd een veilige keuze en is nooit fout.

Wat zegt de wet precies?

De regels voor fietsverlichting staan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en de Voertuigwet. Vóór 2013 was een knipperend achterlicht verboden; je was verplicht een continu rood achterlicht te voeren. Na de wetswijziging in 2013 geldt:

  • Een rood achterlicht is verplicht bij het rijden in het donker of bij slechte zichtbaarheid.
  • Het achterlicht mag knipperen, mits het aan de minimale helderheidseis voldoet.
  • Het licht moet zichtbaar zijn op minimaal 50 meter afstand.
  • Goedgekeurde fietsverlichting draagt een keurmerk (zoals het KEUR-keurmerk of voldoet aan NEN-normen), maar dit is voor consumenten niet altijd eenvoudig te controleren.

Wanneer ben je verplicht verlichting te voeren?

Je bent verplicht fietsverlichting te gebruiken:

  • Bij nacht (van zonsondergang tot zonsopgang).
  • Overdag bij slechte zichtbaarheid, zoals mist, hevige regen of sneeuwval.

Rijd je overdag bij goed zicht, dan is verlichting niet verplicht. Maar het wordt wel sterk aangeraden voor je eigen veiligheid.

Wat is de boete als je geen (goed) achterlicht hebt?

Rijd je zonder achterlicht, of met een licht dat niet voldoet aan de eisen, dan riskeer je een bekeuring. De boete voor geen of ondeugdelijke fietsverlichting bedraagt € 100 (tarief 2024). Dit geldt zowel voor het ontbreken van een achterlicht als voor een achterlicht dat simpelweg te zwak of kapot is.

Praktijkvoorbeeld: wanneer gaat het mis?

Stel, je rijdt 's avonds door de stad met een goedkoop knipperend achterlichtje dat je in de supermarkt hebt gekocht voor € 2. Als dat lichtje niet helder genoeg is om op 50 meter te worden opgemerkt, voldoe je technisch gezien niet aan de wettelijke eis — ook al knipper je nog zo vrolijk. Agenten kunnen dit controleren en je bekeuren.

Een ander praktijkvoorbeeld: je rijdt met een kwalitatief goed knipperend achterlicht van een bekend merk, zoals een Spanninga of Busch & Müller licht met keurmerk. Dit is wél toegestaan en voldoet aan de norm.

Voorlicht: andere regels

Voor het voorlicht gelden aparte regels. Een wit of geel voorlicht is verplicht. Een knipperend voorlicht is in Nederland niet toegestaan — het witte voorlicht moet continu branden. Dit wordt nog weleens vergeten door fietsers die denken dat de knipperregels ook voor voren gelden.

Tips voor veilig en legaal fietsen

  1. Kies kwaliteitsverlichting van een bekend merk met een erkend keurmerk.
  2. Test je achterlicht regelmatig op helderheid, zeker als het op batterijen werkt.
  3. Overweeg een dynamo-verlichting: altijd aan, nooit lege batterijen.
  4. Onthoud: knipperend achter mag, knipperend voor mag niet.
  5. Vervang batterijen op tijd — een zwak knipperend lichtje is gevaarlijker dan je denkt.

Conclusie

Een knipperend achterlicht is in Nederland toegestaan zolang het helder genoeg is (zichtbaar op 50 meter) en rood van kleur. Let op de kwaliteit van je verlichting, want een te zwak licht kan je alsnog op een boete van € 100 komen te staan. En vergeet niet: je voorlicht moet altijd continu branden.

Meer over fietsvragen

Gerelateerde producten